Vandaag vond de eerste fase van het debat plaats over het noodwetsvoorstel dat dubbele nationaliteit voor Nederlanders, die getroffen zijn door de Brexit, mogelijk moet maken. Het CDA eiste verrassenderwijs een hoofdrol voor zich op door zich zeer fel tegen dubbele nationaliteit te keren. Dit in tegenstelling tot de VVD, die op uitzonderlijke basis voorstander is van het mogelijk maken van dubbele nationaliteit voor de Nederlanders die getroffen zijn door de Brexit.

Bekijk hier zelf de hele bijeenkomst terug.

van toorenburgDe zeer scherpe uitlatingen van het CDA zijn bijzonder, gezien de eerdere uitspraken van Kamerlid Martijn van Helvert die bij de oprichting van de SNBN afgelopen april liet weten dat de huidige strenge nationaliteitswetgeving “ten koste gaat van Nederlanders die naar het buitenland gaan en voor hun werk eigenlijk ook een nationaliteit in een ander land nodig hebben”. Een dergelijke fractie-onduidelijkheid is al eens eerder zichtbaar geweest: waar toenmalig CDA-Kamerlid Mirjam Sterk in 2010 liet weten dat een bewindspersoon met dubbele nationaliteit “geen probleem” is, sommeerde voormalig CDA-leider Buma in 2017 Koningin Máxima nog haar tweede nationaliteit in te leveren. Opvallend was dat Van Toorenburg vandaag ook soms in de “ik-vorm” sprak, i.p.v. de gebruikelijke woorden “mijn fractie vindt”.

Het gehele (ongecorrigeerde) verslag is hier integraal te lezen. Hieronder hebben we de meest belangrijke uitspraken per aanwezige politieke partij op een rijtje gezet. Over een week of twee verwachten we de reactie en antwoorden van de staatssecretaris.

CDA (mw. Madeleine Van Toorenburg):

“Dat komt doordat wij echt fundamenteel tegenstander zijn van dubbele nationaliteiten. Eigenlijk zijn we hiermee namelijk een nieuwe dubbele nationaliteit aan het creëren. Dat is toch wel heel erg lastig. (…)Mensen hebben soms toch een soort loyaliteitsconflict. (…) Het is dus ook niet voor niets dat in het regeerakkoord heel duidelijk is gemaakt dat er een keuzemoment moet komen voor personen met een dubbele nationaliteit, om uiteindelijk te eindigen bij een enkele nationaliteit. Dat is het uitgangspunt, ook van de Rijkswet op het Nederlanderschap: wij willen in Nederland één nationaliteit. Er zijn een paar kleine uitzonderingen, maar de uitgangspositie is: één nationaliteit. Wij als CDA onderschrijven dat uitgangspunt ook echt volledig. (…)

Want we willen géén dubbele nationaliteit, maar dit is een beetje ons volk en nou is het prima. Dan vraag ik me toch af of ook de VVD, die ook in vak-K zit, zich realiseert dat straks 30.000 Somaliërs gewoon weer naar Nederland zullen komen? Ik ben toch eigenlijk wel een beetje benieuwd hoe daarnaar gekeken wordt door de betrokken leden in vak-K. Dat is natuurlijk ook wat er gaat gebeuren. En dat is precies de reden waarom wij echt fundamenteel tégen dubbele nationaliteiten zijn. We maken eigenlijk op een hele opportunistische manier nu even voor een klein groepje een uitzondering. Daar worstelen wij mee. (…)

Ik ben altijd tegen dubbele nationaliteiten en ik vind daar ook altijd de VVD en de PVV aan mijn zijde; misschien een beetje meer de ouderwetse rechterflank. Ik ben echt tegen dubbele nationaliteit. Ik zie daar heel veel ellende in. (…)

Als ik altijd tegen de dubbele nationaliteit ben, moet ik het ook in dit geval zijn. Er zijn een aantal mensen die zeggen: ja, maar dit is een bijzonder groepje, dit is een beetje ons volk. Dan zeg ik: nou, dat is de vraag.”

PvdA (mw. Attje Kuiken):

“Ik denk dat dit initiatiefwetsvoorstel eraan bijdraagt om, in een hele verdrietige episode in ons decennium, een oplossing te bieden voor een kleine maar toch wezenlijke groep Nederlanders, die al jarenlang woont en leeft in Groot-Brittannië, maar natuurlijk ook nog heel veel wortels hier in Nederland heeft. (…)Al langere tijd vindt de Partij van de Arbeid dat een dubbele nationaliteit weer de normale norm moet worden. Want je kan ook in Canada wonen of in Australië. Ook die mensen van Nederlandse origine hebben de behoefte om hun band met Nederland te behouden. Niet voor niets hebben de heer Sjoerdsma en de heer Marcouch al een initiatiefwet gemaakt om die norm in Nederlandse wetgeving vast te leggen. De initiatiefwet ligt even stil. Ik neem het van de heer Marcouch over. Ik zou willen zeggen: laat deze noodwetgeving, die door nood, door chaos is ingegeven, een stap zijn naar meer.”

D66 (dhr. Kees Verhoeven):

“D66 steunt deze noodwet, dit initiatief, van harte en volmondig. (…) De Nederlandse wetgeving biedt geen zekerheid. (…) Het is een afgebakende groep, een duidelijke groep, een duidelijk omlijste groep, die in zeer uitzonderlijke omstandigheden aanspraak kan maken op deze wet. Dat maakt deze wet wat mijn fractie betreft ook proportioneel en evenredig.”

VVD (dhr. Anne Mulder):

“Het is dan ook goed dat we met deze wet zijn gekomen om de gevolgen voor deze mensen, die daar helemaal niets aan kunnen doen, te beperken. Zij mogen niet de dupe worden van de Brexit. (…)  Als je de problemen voor deze mensen echt wilt oplossen, zul je een uitzondering moeten maken op de wet. Dan moeten zij de kans krijgen om de Britse nationaliteit aan te nemen en tegelijkertijd de Nederlandse nationaliteit te behouden. Mijn fractie denkt daar niet licht over. (…) In plaats van daarmee te worstelen, zijn wij ons gaan engageren met de initiatiefnemers om ervoor te zorgen dat het echt een uitzondering is.”

SP (mw. Renske Leijten):

“Als het over Brexit gaat, dan vind ik wel dat in deze Kamer te vaak wordt gezegd dat het echt een probleem is voor de andere kant van de plas.  (…) Nood breekt wet: dat is een belangrijke uitspraak. Wat de SP betreft is dat ook een beetje hoe we hiertegen aankijken. De indieners weten dat wij het liefst willen dat iemand één nationaliteit heeft. De nationaliteit zegt iets over de identiteit, maar niet alles. De nationaliteit zegt ook iets over loyaliteit, maar niet alles. Dat realiseren we ons. Maar we zien ook dat het een afgebakende groep is, over een duidelijke gemarkeerde tijdspanne. Daarom willen we er welwillend tegen aankijken, maar we hebben nog wel een paar zorgen. Allereerst, zien de indieners dit als een opmaat, zoals de Partij van de Arbeid net zei? Ik vind het niet goed als de Brexit gebruikt wordt als een soort opportunistische crisissituatie om deze politieke wens te volbrengen. Daar is de situatie gewoon niet goed voor.
Wat doen we met Nederlanders die wonen in het buitenland, buiten de Europese Unie, in een land waar een regering verandert, een revolutie uitbreekt, een oorlog uitbreekt of wat dan ook? (…)  Hoe treden we dan op? Is dit dan een precedent? Ik zou wel graag willen weten hoe we daarmee omgaan.”

GroenLinks (mw. Nevin Özütok):

“GroenLinks ziet dit als een verstandige bijdrage van de Nederlandse wetgever aan het oplossen van de problemen die Nederlanders straks na een mogelijk Brexit kunnen ervaren. (…) Mijn fractie heeft veel reacties gekregen van buiten de EU woonachtige Nederlanders die door het niet tijdig verlengen van een paspoort stilzwijgend, dus zonder het te weten, het Nederlanderschap hebben verloren. Ook de Ombudsman vroeg hier eerder aandacht voor. Kan de staatssecretaris aangeven welke stappen tot nu toe zijn gezet en welke stappen nog worden gezet?”

Onze bestuursleden hebben geregeld contact met minimaal negen politieke partijen over problemen waar wij, Nederlanders buiten de landsgrenzen, tegen aan lopen. Zoals de problemen rondom ING bijvoorbeeld. Maar ook over de Brexit-noodwet, loonheffingskorting en stemmen vanuit het buitenland. Dit kost geen geld. Maar alle andere praktische zaken wél. Steun onze strijd voor jou, de Nederlanders in het buitenland.