Begin 2019 ontstond beroering vanwege het afschaffen van het belastingdeel van de loonheffingskorting voor buitenlands belastingplichtigen. De Vereniging Belangenbehartiging Nederlands Gepensioneerden in het Buitenland (VBNGB) houdt zich bezig met wetten en regels die van belang zijn voor emigranten met een Nederlands pensioen. Hieronder vind je door VBNGB opgestelde achtergrondinformatie over bovengenoemd probleem. Deze informatie is ook op de VBNGB-website te vinden.

Belastingverdragen

Belasting is een onderwerp dat niet op internationaal niveau wordt geregeld. Het is een puur nationale kwestie. Nederland heeft echter met veel landen een belastingverdrag gesloten. Dat verdrag is een afspraak tussen beide landen; het zijn dus altijd bilaterale verdragen. In een belastingverdrag staat per soort inkomen welk land inkomstenbelasting mag heffen, Nederland of het woonland. Er wordt vaak beweerd dat je kunt kiezen in welk land je belasting betaalt. Dat is niet waar, het belastingverdrag bepaalt welk land heffingsrecht heeft voor welke soorten inkomen.

belastingpapieren voor nederlanders buiten nederlandHet heffingsrecht is voor het pensioen en de AOW vaak verschillend. Ook maakt het uit of het om een overheidspensioen gaat of om een bedrijfspensioen. Daarvoor zijn in de regel verschillende afspraken. De tekst van het belastingverdrag met uw woonland is op internet terug te vinden. Wie inkomen ontvangt uit meerdere landen heeft te maken met de belastingverdragen tussen het woonland en al die landen. Ten slotte maakt het voor het heffingsrecht in sommige gevallen uit of u de nationaliteit heeft van het woonland. Kennis van het belastingverdrag met uw woonland is van groot belang!

Geen dubbele belasting

Voor het “niet heffen” bestaan twee mogelijkheden. De “verrekenmethode” en de “vrijstellingsmethode”. Bij de verrekenmethode wordt belasting berekend en dan wordt er afgetrokken wat in het andere land aan belasting betaald is. De belasting wordt als het ware verdeeld. Bij de vrijstellingsmethode, die het meest wordt toegepast, wordt geen belasting geheven, maar het niet belaste bedrag wordt wel meegeteld om het belastingpercentage te bepalen over het inkomen dat wel wordt belast.

Als een inkomensdeel niet belastbaar in Nederland is, kan men een aanvraag vrijstelling inhouding loonheffing indienen. Wat de AOW betreft hebben veel mensen dat niet gedaan en zij zijn zich dat nooit bewust geweest. Reden daarvoor kan zijn dat de loonheffingskorting hoger was dan de berekende inkomstenbelasting. De loonheffing was daardoor nul. Nu begin dit jaar de loonheffingskorting niet meer wordt toegepast wordt opeens wel loonheffing ingehouden. Belastingplichtigen die aanspraak maken op de loonheffingskorting doen er goed aan om deze aanvraag alsnog in te dienen. In het lopende belastingjaar vergoedt de Belastingdienst de onterecht ingehouden loonbelasting. Anders moet worden gewacht tot de belastingaanslag.

Regeling Kwalificerende Buitenlandse Belastingplicht

Helaas maakt niet iedereen aanspraak op de loonheffingskorting. De reden daarvoor is gelegen in de Regeling Kwalificerende Buitenlandse Belastingplicht (KBB), die al in 2015 is ingevoerd. Voor 2015 hadden buitenlands belastingplichtigen (iedereen in het buitenland die in Nederland belastingplichtig is) de keus om te worden behandeld als binnenlands belastingplichtige. Deze gunstige regeling is afgeschaft omdat hij strijdig was met EU-recht. De nieuwe methode heeft rigoureus een eind hieraan gemaakt. Er is geen keuzerecht meer. De persoonlijke situatie van elke belastingplichtige bepaalt of er aanspraak is op belastingvoordelen. Belastingvoordelen zijn bijvoorbeeld heffingskortingen en fiscale aftrekposten (hypotheekrente, medische kosten, alimentatie, etc.).

Het eerste onderscheid wordt al gemaakt bij het woonland. Emigranten die buiten de “landengroep” wonen maken geen aanspraak op belastingvoordelen in Nederland. De landengroep bestaat uit de EU, de EER, Zwitserland en de BES-eilanden. Binnen deze landen moet 90% van het wereldinkomen in Nederland belast zijn om voor belastingvoordelen in aanmerking te komen. Is bijvoorbeeld uw AOW in het woonland belast en uw aanvullend pensioen in Nederland moet dat aanvullend pensioen 9 maal hoger zijn dan de AOW-uitkering. Dat komt weinig voor.

Deze strenge regels hebben ervoor gezorgd dat in één klap duizenden buitenlands belastingplichtigen geen belastingvoordelen in Nederland meer hebben.

Een uitzonderingsregel kan van kracht zijn indien u niet voldoet aan de 90% voorwaarde en weliswaar voor een deel van uw inkomen belastingplichtig bent in uw woonland, maar daar niet daadwerkelijk belasting betaalt. In dat geval kunt u toch als KBB aangemerkt worden. De Belastingdienst staat dat niet zomaar toe, maar de VBNGB is momenteel bezig met een proces daarover.

Loonheffingskorting

Doordat voor veel emigranten aanspraak op belastingvoordelen, dus ook het recht op de heffingskorting in 2015 is vervallen kwam het vaak voor dat die ten onrechte werd berekend in de loonheffing. In al deze gevallen moest de heffingskorting later weer worden terugbetaald via de belastingaanslag. Om deze reden heeft het ministerie van Financiën besloten de heffingskorting niet meer in de loonbelasting te verwerken. Degenen die in een eerder jaar als KBB zijn aangemerkt kunnen via een aanvraag Voorlopige Aanslag de loonheffingskorting alsnog maandelijks uitbetaald krijgen.

Conclusie

Het eigenlijke probleem is niet de loonheffingskorting zelf, maar de Regeling KBB. De VBNGB is al geruime tijd bezig aandacht te vragen voor de onrechtvaardigheden in deze regeling. Terug naar de oude keuzeregeling is juridisch niet mogelijk. Een aanpassing van de 90% norm is echter wel degelijk haalbaar. Hierdoor zouden niet alle buitenlands belastingplichtigen hun belastingvoordelen terugkrijgen, maar wel een behoorlijk aantal. Verder is er bij de uitvoering van de regeling het nodige te verbeteren.